Ontwikkelingshulp lijkt soms een druppel op de gloeiende plaat, waarbij hulpverlening soms meer fout lijkt te doen dan goed. Helpen voelt als een goede daad, een menselijke plicht. Maar is dit ook echt zo? Of is het geldverspilling?

Wordt een land wel volwassen wanneer het hulp van buitenaf ontvangt? Als voorbeeld wordt daarbij soms Somaliland genoemd. Dit noordwestelijke puntje van Somalië is sinds 1991 onafhankelijk. De onafhankelijkheid werd internationaal niet erkend, met als gevolg: geen ontwikkelingshulp. Daarmee ook: geen eisen van buitenaf. De bevolking heeft de vrijheid het land in eigen tempo te ontwikkelen. Het land is politiek stabiel, maar arm.

Wat zeker niet vergeten mag worden is dat dit niet de enige aanwijsbare reden is van de politiek gezonde situatie. In het land is een Sheekh-school aanwezig waar een aantal scholieren leren over goed leiderschap. Ook heeft Somaliland, in tegenstelling tot Somalië, in de tijd van de koloniën niet te maken gehad met streng leiderschap van de Italianen.  

Ontwikkelingshulp zorgt altijd in een zekere mate voor een stukje afhankelijkheid. Goed nieuws is dat deze afhankelijkheid daalt. Waar in 2000 de armste landen voor 60 procent steunden op geld van donoren, was dit in 2009 nog 38 procent. Deze landen kunnen dus steeds beter voor zichzelf zorgen.

Afhankelijkheid daalt

Heeft de daling van de afhankelijkheid te maken met de gegeven hulp en helpt die hulp? Patros, branchevereniging voor ontwikkelingssamenwerking, heeft hier onderzoek naar laten doen. De Nederlandse overheid heeft 1,9 miljard euro gegeven aan verschillende organisaties. Welke hulp is hier praktisch uitgekomen? Het is te veel om op te noemen, daarom hieronder een paar resultaten:

  • 4,6 miljoen boeren met een grotere productie of betere toegang tot markten;
  • 246 nieuwe banen;
  • 404 leerlingen succesvol geschoold in basis- of voortgezet onderwijs;
  • 526 dorpen vrij verklaard van kinderhuwelijken;
  • Thuiszorg voor 206.404 mensen;
  • 578.357 huishoudens zijn nu weerbaarder tegen rampen;
  • 365 mensen hebben toegang tot schoon drinkwater.

Dit en nog veel meer (zie hier het volledige rapport) door 69 organisaties in vijf jaar. 

Hulpverlening helpt dus veel mensen verder op weg. Door middel van onderwijs kunnen bewoners zelf aan de slag gaan om hun gemeenschap beter te maken. Verder zijn primaire voorzieningen nodig voor gezondheidszorg en een goede hygiëne. Een voorbeeld van hoe dit er in de praktijk uitziet lees je hieronder.   

Hulp in Cambodja

EO Metterdaad zamelde acht jaar geleden geld in voor stichting De Brug in Cambodja. Inmiddels bestaat de stichting 25 jaar en spraken we met Frits en Beja Weitkamp, de directie van de stichting, over de veranderingen die zij afgelopen jaren mochten zien. Ze bieden hulp aan op vele verschillende gebieden. Zo hebben ze geïnvesteerd in irrigatie en daarin is er volgens Beja veel verandert: “Boeren krijgen het beter en hebben meer geld te besteden. Elf jaar geleden werd de ploeg alleen maar getrokken door een paar koeien in het veld, nu zie je overal machines.” Ook hebben ze veel individuele hulp kunnen aanbieden in de vorm van opleidingen en microkredieten. Zo heeft Huot Pisey, een weeskind uit hun programma, inmiddels een eigen kledingwinkel. Meer over hun werk en het effect hiervan in Cambodja kunt u hier lezen.     

Beste hulp

Naast dat er veel geholpen wordt, wordt er ook gekeken naar wat de beste manier van helpen is. Onderzoeken worden gestart en daar komen soms verrassende resultaten uit. Zo hielden twee wetenschappers van de Universiteit van Cambridge een onderzoek in Kenia. Ze verkochten netten en gaven aan sommige deelnemers gratis netten. Deze laatste groep maakte meer gebruik van het aanbod dan de groep die de netten moesten kopen. In beide gevallen werden de netten voor 90 procent gebruikt waarvoor ze bedoeld waren. Een jaar later kregen de deelnemers de kans om zelf nog een net te kopen, voor twee dollar. De mensen die hun net gratis gekregen hadden, kochten twee keer vaker een nieuw net dan diegenen die er de eerste keer al voor betaald hadden.

Effect hulpverlening

Daarbij wordt er onderzoek gedaan naar de effecten van hulpverlening. Helpt hulp en welke hulp werkt het beste? Door antwoord te krijgen op deze vragen wordt hulp steeds effectiever. Roger Riddell, een Britse onderzoeker, schreef er zelfs een boek over Does Foreign Aid Really Work (vrij vertaald: werkt buitenlandse hulp echt). Riddell durft voorzichtige uitspraken te doen over de effecten van hulp, omdat ze steeds meer weten over de behaalde resultaten: “Successen worden vooral geboekt waar het gaat om heel tastbare zaken zoals onderwijsdeelname door meisjes, schoolboeken, ontwormingsprogramma’s en vaccinaties. Zonder dit soort hulp zouden veel arme mensen er stukken slechter voor staan.” Ook meldt hij dat er steeds meer successen zijn dan vroeger.

Het is mooi om te zien dat er zoveel gedaan wordt in de wereld en dat aangeboden hulp de bevolking verder op weg helpt. Onderzoek wordt verricht om erachter te komen welke hulp het beste helpt. Zo helpt u gift steeds beter de wereld.  

Bronnen

De Correspondent;Oikocredit;Partos; Ser; Trouw; Volkskrant